Kenniscentrum › De darmen › De darmen

De darmen

Dunne darm en dikke darm

De darmen liggen in de buikholte en hebben een belangrijke functie bij de vertering van voedsel.

De dunne darm

De dunne darm is ongeveer vijf meter lang en bestaat uit drie verschillende gedeelten. Aan de maag zit de twaalfvingerige darm (duodenum) vast. Daarna volgen de nuchtere darm (jejunum) en de kronkeldarm (ileum).
De binnenkant van de darmwand is bekleed met geplooid slijmvlies. Deze plooien bestaan uit kleine uitsteekseltjes, de darmvlokken.

In de dunne darm vermengen de voedselresten met spijsverteringssappen. Deze restanten blijven lange tijd op dezelfde plaats in de dunne darm, zodat het voedsel goed kan verteren en de voedingsstoffen worden opgenomen door het bloed. De darmwand geeft de eiwitten, vetten, koolhydraten, vitaminen en mineralen af aan het bloed. Onverteerbare voedselresten gaan naar de dikke darm. De spieren in de darmwand kneden het voedsel en duwen het langzaam naar de dikke darm.

De dikke darmafbeelding spijsverteringsstelsel (foto shutterstock)

Vanuit de dunne darm komen de voedselresten in de dikke darm en uiteindelijk in de endeldarm terecht.

De dikke darm is ongeveer 1 meter lang en ligt als een boog in de buikholte. De dikke darm bestaat uit drie delen:
  • Colon
  • Endeldarm
  • Blinde darm
Het grootste gedeelte van de dikke darm is de colon. Dit begint aan de rechterzijde in de buik met een gedeelte dat naar boven wordt geleid. Het horizontale deel loopt onder de maag door en het dalende gedeelte loopt links in de buikholte.
De dikke darm houdt de vloeibare darminhoud een tijdje vast, zodat er tijd is om vocht en zouten uit de voedselresten op te nemen. Daarnaast heeft de dikke darm veel bacteriën: de darmflora. Deze darmflora zorgt voor gisting en rotting van de darminhoud. De stoffen die hierbij vrijkomen, zetten de darm aan tot bewegen. Van de gassen die vrijkomen, laat u winden.
Door de vochtopname in de dikke darm wordt de ontlasting steeds dikker. Samentrekkende bewegingen van de darm zorgen dat de ontlasting naar de endeldarm wordt gebracht. De endeldarm houdt de ontlasting vast. Als de endeldarm is gevuld krijgt u aandrang om naar de wc te gaan. Via de anus verlaat de ontlasting het lichaam.



Deel deze pagina: